“We moeten mensen niet sneller door de woonladder heen helpen. We moeten de woonladder afschaffen.”
Maarten Schallenberg benadrukte gisteren bij de lancering van de Wonen Eerst Gids maar weer eens waar WonenEerst om gaat: het is geen tijdelijk project of iets dat we toevoegen aan de bestaande manier van omgaan met dakloosheid. Het is een fundamentele verschuiving in denken en doen.
De wil om die verschuiving te maken is er, dat merkten we. In de zaal zaten collega’s vanuit gemeenten, woningcorporaties, de zorg en mensen met ervaringskennis. Dat leverde goede, nuchtere gesprekken op over hoe je Wonen Eerst in de dagelijkse praktijk voor elkaar krijgt. Tegelijkertijd laat de realiteit zien hoeveel werk er nog ligt: op dit moment heeft landelijk gezien nog maar 2,3% van de dakloze mensen toegang tot Wonen Eerst en de verschillen per gemeente zijn groot.
Dat je bij het starten met, of opschalen van Wonen Eerst tegen hobbels aanloopt, is logisch. Maar dat het kan, bleek uit de voorbeelden die werden gedeeld:
Dorothée Jansen – van Leeuwen en Mirthe Biemans (Startmotor Wonen Eerst Jongeren) deelden hoe in Nijmegen onvoorwaardelijke toegang tot Wonen Eerst er lokaal uitziet.
Jiske Wallace-Lems, Monja van Poppel en Saskia Rensen (Gemeente Rotterdam) lieten zien dat een tekort aan sociale huurwoningen opschaling niet in de weg hoeft te staan.
Voor wie niet bij het symposium aanwezig was: de Wonen Eerst Gids is (gratis) te downloaden via deze pagina