Housing First was de afgelopen tijd veel in de media te zien.
Vandaag wordt de Wet versterking regie volkshuisvesting besproken in de Kamer. Het biedt de Tweede Kamer en het Kabinet een uitgelezen kans een belangrijke stap te zetten in het beëindigen van dakloosheid. Dat is hard nodig, want hoewel betrouwbare cijfers ontbreken, waarschuwen gemeenten en opvangorganisaties al tijden voor een schrikbarende toename in het aantal dakloze mensen.
De nieuwe wet regelt, middels de Regeling verplichte urgentie, wie en onder welke voorwaarden verplicht voorrang moet krijgen op een betaalbare sociale huurwoning. Nu mogen gemeenten zelf nog bepalen wie een dergelijke urgentiestatus krijgt, met grote verschillen tot gevolg. Het huidige voorstel is dat dakloze mensen verplicht voorrang moeten gaan krijgen. Dat is voor hen goed nieuws, want met de jarenlange wachtlijsten voor sociale huur komen zij momenteel pas veel te laat in aanmerking.
Er is echter een fundamenteel probleem: in de huidige opzet blijken alleen mensen die in de maatschappelijke opvang verblijven dakloos. Enkel zij zouden daardoor in aanmerking komen voor een urgentiestatus. Maar dit is een veel te beperkte definitie van dakloosheid, met als gevolg dat de meerderheid van mensen die in feite dakloos zijn buiten beschouwing blijven.
En wie heeft er nou harder een huis nodig dan iemand die dakloos is? Melanie Schmit – mede-oprichter Housing First Nederland – stelde die vraag vandaag nog maar weer eens voor de camera van SBS 6 (vanaf 10:50).
De afgelopen tijd lieten wij ons in de media via de campagne “Urgentie voor alle dakloze mensen” op zoveel mogelijk plekken horen. Een selectie uit de publicaties lees je hier:
- “Dakloosheid oplossen kan nu”
- “De politiek hanteert een veel te beperkte definitie van dakloosheid”
- “Jong en dakloos, maar geen voorrang op een huis”
- “Geef alle dakloze mensen voorrang op een huis”
- “Alle daklozen moeten voorrang krijgen bij het toewijzen van sociale huurwoning”
- “Dakloosheid in ons land oplosbaar probleem”
- “Moreno woonde in een ongebruikte kamer van het hotel waar hij werkte. ‘Uit schaamte vertelde ik het niemand.'”